3. Whoa! Laat je leiden door de kinderen
Opnieuw: intrinsieke motivatie werkt het best. Kies daarom dus voor herkenbare problemen en situaties.
Je bent zelf geen techneut? Jouw wiskundekennis is lichtjes gedateerd? En fysica was nooit echt jouw favoriete vak? Geen probleem! Ga mee op onderzoek met je kleuters. Het is zelfs leuker als je het antwoord of de oplossing zelf niet kent. Laat je verrassen en kruip in het hoofd van een kind.
Waarom zijn de blaadjes van de bomen rood en bruin? Waaruit bestaan de wolken? Hoe groeien planten? Als er iets is waar kleuters goed in zijn, dan is het wel waaromvragen stellen. Grijp de kans met beide handen en plant samen zaadjes, verzamel blaadjes, maak waterdamp – ga met z’n allen buiten hijgen en blazen als het koud genoeg is. Voel, bespreek en bedenk samen antwoorden.
4. Trial & error is helemaal oké!
Een voorbeeld: Juf Maxime liet haar oudste kleuters een blokkentoren bouwen, om ter hoogst. Niet gemakkelijk, en de meeste torens waren niet stabiel genoeg. Elke keer opnieuw probeerden de kinderen hoger en hoger te bouwen, maar elke keer opnieuw vielen de torens om. Tot een van de kleuters zijn blokken anders stapelde – liggend en niet rechtop. De basis van haar toren was steviger, de toren stabieler. Door te proberen ontdekten de kleuters dat een goede basis belangrijk is.
Natuurlijk had Maxime haar kleuters ook onmiddellijk kunnen tonen of vertellen dat ze hun blokken anders kunnen stapelen, maar doordat ze het probleem zelf ervaarden en ermee aan de slag gingen, leerden ze meer.
5. Communiceer en leer (zelf)
Daag je kleuters uit en stel hen open vragen. Juf Maxime stelde tijdens het proces vragen als: hoe komt het dat jouw toren hoger is? Wat heb je anders gedaan deze keer? Hoe zouden we dat kunnen oplossen? Geeft een kind een fout antwoord, verbeter hem dan niet, maar vraag naar de redenering erachter.
Betrek ook de ouders bij projecten en thema’s. Zo trek je STEM-onderwijs door naar de dagelijkse leefomgeving van het kind, en dat maakt het nog sterker. En gebruik STEM-taal in de dagelijkse routines: benoem een zware emmer of de lichte brooddoos na de middagpauze, toon het verschil tussen licht en donker in de verschillende klashoeken. STEM-geletterdheid begint al in jouw klas, soms op een subtiele en impliciete manier.
Waarop wacht je om je STEM-banden te schrapen?